Kweken
Winterrust
Het begin van de winterrust in de maand november, de temperatuur moet langzaam worden terug gebracht naar overdag 20°C. 's Nachts mag het 15°C worden. De duur van de dag moet ook verkort worden van 14 uur licht naar 10 uur licht. Ook moeten de dieren minder gevoerd worden, 2 keer per week. Bepoeder het voer goed met kalk en vitamine. Natuurlijk moet je altijd schoon water blijven geven. Na 8 tot 10 weken winterrust moet de temperatuur weer rustig omhoog worden gebracht. Als je weer op de normale temperatuur zit dan moet je de baardagamen ruim voeren. Muizen zijn goed om de vetten en mineralen op pijl te brengen bij het vrouwtje. Als je de mannetjes en vrouwtjes apart hebt gehouden dan moet je ze nu bij elkaar plaatsen.
Paring
Na de winterrust wordt het paartje weer bij elkaar geplaatst, deze zullen nu paar gedrag vertonen. Het mannetje zal knikken met de kop en een zwarte baard opzetten. Het vrouwtje zal doormiddel van het zwaaien met de voorpoot bevestigen als ze paarrijp is.
Bij de paring kan het mannetje erg ruw zijn, zal deze zich vast bijten in de nek van het vrouwelijke dier. Uiteindelijk zal het mannetje de staart om de staart van het vrouwtje heen slaan en zal zijn hemipenis naar buiten gaan en zo het vrouwtje bevruchten.
Ook komt het wel eens voor dat een vrouwelijke baardagaam eieren produceert terwijl deze niet heeft gepaard. Dit kan voorkomen doordat de vrouw sperma op kan slaan, dus het volgende legsel geen man nodig heeft.
De man kan een erg grote paar drift hebben en de vrouw verwonden of zelfs dood bijten. Als je ziet dat de man te agressief wordt moet je ze apart zetten. Een goede oplossing hiervoor is om bij deze man meerdere vrouwtjes te plaatsen. De baardagaam heeft meerdere per jaar, bij overplaatsing of en stress kan de baardagaam een legsel over slaan.
Eieren uitbroeden
Ongeveer een maand na de paring zal de vrouw een opgezwollen buik krijgen hieraan kun je zien dat de vrouw bevrucht is. Hoe dichter ze bij het leggen komt hoe dikker ze zal worden. Gedurende deze tijd moet je de vrouw rijkelijk voeren en geef haar ook extra kalk en vitamine. Vlak voordat ze eieren gaat leggen stopt ze met eten, nu moet er dus voldoende leg ruimte zijn. Als je kunstgras hebt moet je een bak met zand van +/- 15 cm neerzetten. Hierin zal ze gaan graven en eieren in leggen. Normaal gesproken worden de eieren s' avonds gelegd. Er worden er 12 tot 24 eieren gelegd, maar ook vaak meer.
Als de eieren gelegd zijn dan moet je ze opgraven en in de broedmachine plaatsen. Probeer ze zo min mogelijk te draaien, anders kun je het embryo doden. Plaats de eieren in een bakje met ongeveer 10 cm vochtig vermiculiet. De gewichtsverhouding van water:vermiculiet is 1:1. Doe op het bakje altijd een deksel met gaatjes. Om de eieren optimaal vochtig te houden maak je de deksel af en toe vochtig door deze te vernevelen of door een beetje water bij het vermiculiet te doen. De vochtigheid moet 80 tot 90 % zijn. Zorg dat er geen grote druppels aan de deksel komen, dan is het te vochtig.
De temperatuur van de broedmachine moet 28°C tot 31°C zijn. Wij hebben het beste resultaat met een temperatuur van 29 °C.
De eieren komen uit tussen de 50 en 70 dagen. Laat de uit het ei gekomen dieren niet over de nog niet uitgekomen eieren lopen. Wij hebben hier problemen mee gehad. De jonge baardagamen gaan graven in het vermiculiet en zo kunnen de eieren die aan het uitkomen zijn in een gat rollen. Deze baardagamen kunnen zo dood gaan. Als de eieren uit zijn gekomen plaats je de jonge baardagamen in een opkweek terrarium.
Het opkweken van de jonge baardagamen
De in het opkweek terrarium geplaatste baardagamen kunnen bij elkaar geplaatst worden zorg echter dat het terrarium groot genoeg is (voor 10 jonge minimaal 60x40x40 cm). Zorg dat het niet te warm is i.v.m. uitdrogen.
Voer de jonge iedere dag veel jonge krekels en fruitvliegjes. Bepoeder deze goed met kalk en vitamine. Geef ze ook fijngehakte stukjes groente en fruit. Voer ze veel, want als je de jonge te weinig voert gaan ze Bij elkaar aan hun staart en pootjes eten. Geef ze ook sepia en fijn gemalen eierschalen voor een goede botopbouw. Sproei de jonge iedere dag, je zult zien dat ze hier ook van drinken. Als je een waterbakje in je terrarium zet dan mag deze niet te groot en te diep zijn (een jonge baardagaam verdrinkt snel). Een plastic dop van een cola fles is een goede maat.